Oud-leerlingen krijgen vaak een heel speciaal plekje in je hart. Je hebt samen iets meegemaakt: lange schooldagen, spannende presentaties, eindexamens, maar ook reizen, voorstellingen en onverwachte hoogtepunten. Bij de oud-leerling van deze week denk ik meteen terug aan het Marie-Loke avontuur, waarin zij samen met Julie Fransen en hun begeleider Lisette Crooijmans in Groningen een profielwerkstukprijs in ontvangst nam. En thuis hoor ik haar naam ook nog regelmatig voorbij komen, want als ze langskomt om op te passen, klinkt het hier steevast: “Jippie!!!” Hoe gaat het nu met Jip Sloover?
Tegenwoordig woont Jip in Den Haag, waar ze in haar laatste jaar Bestuurskunde zit aan de Universiteit Leiden. Sinds oktober woont ze op zichzelf, een grote stap die haar leven in een stroomversnelling bracht. Een nieuwe stad, nieuwe verantwoordelijkheden en een drukker leven, maar Den Haag voelt inmiddels echt als haar plek. Haar dagen zijn goed gevuld: studeren, afspreken met vriendinnen, borrels met haar dispuut en ondertussen ook nog een indrukwekkende lijst aan verantwoordelijkheden. Zo is Jip mentorcoördinator en secretaris en vicevoorzitter van het bestuur van het Landelijk Congres der Bestuurskunde. Dat betekent plannen, schakelen en soms letterlijk rennen van afspraak naar afspraak en precies die afwisseling maakt het voor haar zo leuk.
De grootste uitdaging van de afgelopen jaren? Toch het op zichzelf wonen. Wat vooraf spannend leek, blijkt haar juist heel gelukkig te maken. Iets waar Jip zichtbaar trots op is, is haar rol binnen het congresbestuur. Samen met een team werkt ze aan de organisatie van een groot landelijk congres. Het project loopt nog, maar nu al leert ze ontzettend veel over samenwerken, presteren onder druk en zichzelf beter leren kennen. En, zo geeft ze met een knipoog toe, ze mag ook best trots zijn op het feit dat ze tot nu toe al haar vakken in één keer heeft gehaald.
Als Jip terugdenkt aan haar tijd op het Wolfert, overheerst een warm en nostalgisch gevoel. Ze herinnert zich vooral de vriendschappen en de gezelligheid. De ‘vaste’ tafel in de aula, waar in de bovenbouw alle pauzes en tussenuren werden doorgebracht, staat haar nog helder voor de geest. Twee hoogtepunten springen er voor haar echt uit: de eindvoorstelling voor drama en de periode waarin ze door het hele land reisde voor profielwerkstukwedstrijden en daar zelfs een prijs mee in de wacht sleepte.
Jip kijkt met veel waardering terug op haar docenten. Willemijn van Bakel speelde een bijzondere rol: als docent, brugklasmentor en begeleider tijdens de dramalessen, waarin Jip niet alleen leerde presenteren en creatief denken, maar ook veel over zichzelf ontdekte. Ook Lisette Crooijmans maakte diepe indruk, vooral door haar begeleiding bij het profielwerkstuk, een ervaring waarvan Jip nu, tijdens het schrijven van haar scriptie, nog dagelijks de vruchten plukt. En dan is er nog die ene economie-opdracht: de financiële levensloop. Veel werk, lange dagen, maar achteraf enorm waardevol.
De Dalton-vaardigheden blijken in haar huidige leven onmisbaar. Studeren aan de universiteit vraagt zelfstandigheid, plannen en verantwoordelijkheid nemen; precies dat wat ze op het Wolfert al vroeg heeft geleerd. In haar bestuursjaar komen vooral de samenwerkingsvaardigheden goed van pas: met zeven andere bestuursleden moet alles in goede banen worden geleid.
Haar advies aan huidige leerlingen is helder en geruststellend: niet alles is zo beslissend als het op dat moment voelt. Iedereen loopt zijn eigen route, in zijn eigen tempo. Je hoeft nu nog niet te weten wie je later wilt zijn. Veel dingen worden pas duidelijk doordat je ze gewoon probeert. En soms gaat er iets mis, of blijkt iets toch niet bij je te passen, en dat is helemaal oké.
Naast haar studie maakte Jip volop ruimte voor andere dromen. Ze reisde, werkte mee aan de almanak van haar studievereniging en speelde een grote rol in het lustrumjaar, met als hoogtepunt een feestelijk gala. Haar pad na het vwo liep redelijk recht, al twijfelde ze lang tussen de Pabo en Bestuurskunde. Die twijfel is nooit helemaal verdwenen, want het onderwijs blijft trekken. Het zou ons dan ook niets verbazen als Jip in de toekomst haar weg (weer) richting het klaslokaal vindt. Mocht dat moment komen, dan weten wij één ding zeker: wij zullen haar met open armen ontvangen.
Door: Maxime Hoek


