We zitten aan tafel bij de pot met snoepjes en ik begin het interview terwijl ik nog op een paar dropjes kauw… my guilty pleasure, zeg ik. Natasja bedankt vriendelijk; zij houdt meer van chocolade, koekjes en toetjes (maar daarover later meer).
Wie is Natasja Geise en wat doet ze bij ons op het Wolfert Lyceum?
“Ik ben een enthousiaste, vrolijke en betrokken docent Nederlands. Ik werk twee dagen op het Wolfert Lyceum. Ik geef dan les aan drie klassen: 4 havo en twee brugklassen. Daarnaast ben ik mentor van een 4 havo-groepje. Ook ben ik lid van de DOG (Dalton Onderwijs Groep) en organiseer ik de daltonoudercafés.
De overige drie dagen werk ik als zzp’er in het onderwijs. Ik ben 12 jaar schoolleider geweest en nu begeleid ik (startende) leidinggevenden in het onderwijs. Daarnaast geef ik les bij de schoolleidersopleiding van Habeo+ (voorheen Avans+). Ik begeleid teamleiders en (adjunct-)directeuren en reik hen tools aan om door te groeien naar een leidinggevende functie of zich daarin verder te ontwikkelen. Tevens schrijf ik beleidsstukken op het gebied van taal en burgerschap.”
Hoe ben je ertoe gekomen om het onderwijs in te gaan?
Op de basisschool vond ik het al leuk om uitleg te geven aan klasgenoten — als het maar geen rekenen was. Vervolgens ging ik naar het vwo en blonk ik uit in Nederlands, Duits en geschiedenis. Geschiedenis vond ik een leuk vak, maar ik was bang om werkloos te worden. Duits vond ik ook leuk, maar de docenten stonden me niet aan. Ik koos uiteindelijk voor Nederlands, omdat ik vanaf 4 vwo een docent had die goed kon vertellen: Floris en Blanchefleur haalde hij bijvoorbeeld helemaal naar het nu. Ik dacht: wat hij kan, kan ik wellicht ook.
Daarom koos ik bewust voor een hbo lerarenopleiding Nederlands, zodat ik direct voor de klas kon staan. Het viel me vies tegen, want tijdens mijn eerste snuffelstage kreeg ik een plek in het speciaal onderwijs. Het waren maar elf kinderen, maar ik had er zoveel moeite mee… de ene woedeaanval na de andere epilepsieaanval… Toch heb ik doorgezet en mezelf toegesproken: “het past wel bij me”. Ik zat in de flow en ben na vier jaar lerarenopleiding naar de Universiteit Leiden gegaan voor mijn eerstegraads bevoegdheid Nederlands . Ik was jong toen ik van school afkwam: ik rondde op mijn 17e het vwo af en deed op mijn 20e een LIO-stage, een betaalde baan terwijl ik nog in opleiding was.
Tevoren had ik de lijst met vragen laten zien en ze merkte ineens op dat het advies dat ze zichzelf zou geven als jonkie is: “heb niet zo’n haast”. Ze zat op haar 21e al in een ‘grote mensenwoning’ in Bergschenhoek, maar vindt het jammer dat ze het studentenleven en eventuele studie-ervaringen in het buitenland heeft gemist. Op haar 26e maakte ze dat deels goed en werd ze voor het eerst een beetje puber.
Onderwijscarrière
Tussen haar 20e en 30e werkte ze op het IJsselcollege in Capelle aan den IJssel en werd ze op haar 26e teamleider. Ze dacht: “dat kan ik ook wel”….wat een overmoed achteraf gezien! “Ik maakte alle fouten die er waren en had ook geen schoolleidersopleiding. Mijn directeur was overigens Peter Wind (oud-directeur Wolfert Lyceum, red.).”
In die periode was ik behoorlijk destructief: ik werkte van 10.30 tot 20.00 uur, ging vaak ‘s avonds heel laat hardlopen en studeren en lag laat in bed. Ik besloot onbetaald verlof op te nemen en ging er drie maanden tussenuit met een vriendin: naar Australië en Nieuw-Zeeland. Dat zette me weer met beide benen op de grond.
Opgeladen en met een andere mindset werkte ik hard aan de PR als teamleider brugklas. Capelle was ineens beter bereikbaar door de nieuwe metroverbinding en ik organiseerde 33 informatieavonden in korte tijd om leerlingen te werven. Ik wilde me na mijn reis echter meer richten op kwaliteit van onderwijs in plaats van reclame maken en stapte over naar een andere baan in Middelharnis.
Daar werd ik op mijn 30e teamleider voor vwo 3 t/m 6. Ik merkte alleen dat ik me niet goed thuis voelde daar; ik had een te stadse mentaliteit. Er waren veel docenten die er al heel lang zaten en er werd weinig aan onderwijsvernieuwing gedaan. Dit bleek niet mijn plek te zijn.
Ik ging googelen op de naam Peter Wind en zag een mooie vacature bij stichting BOOR: een tijdelijke baan op het Wolfert Lyceum ter vervanging van de teamleider van leerjaar 3 en 4. Ik verdiepte me in dalton en het voelde als “thuiskomen”. Het paste zo goed dat ik dacht: het heeft blijkbaar een naam wat ik doe: daltononderwijs. Met veel plezier werkte ik als teamleider op het Wolfert Lyceum en de tijdelijke vacature werd omgezet in een vaste functie door de groei van de school. Ik raakte echter zwanger en ik koos er bewust voor om drie dagen te werken en dus geen teamleider meer te zijn.
Ik werkte daarna exact vier jaar als docent Nederlands op het Wolfert Lyceum. Vervolgens werd ik teamleider van de brugklas en in totaal heb ik tien jaar met heel veel inzet en plezier op het Wolfert Lyceum gewerkt.
Toen kwam corona en ik voelde me ineens heel incapabel. Alles online, de zorg voor leerlingen en het team in deze verwarrende tijd vond ik heel heftig. De online PR vond ik juist heel tof om te doen; ik wilde het echt anders doen dan andere scholen: interactief en de kinderen écht erbij betrekken. De prijzen die de leerlingen konden winnen, bracht ik persoonlijk — op anderhalve meter afstand uiteraard — aan de deur.
Toen kwam de tweede coronagolf. Ik wilde niet meer leidinggeven en ben elders gaan werken als onderwijsadviseur. Het was mijn kortste baan ooit: ik vond het een groot gemis om geen collega’s te zien, nergens echt bij te horen en geen opvolging te zien van de ingezette acties op school. Na 7 maanden hield ik het voor gezien.
Ik wilde terug het onderwijs in en ben teamleider bij Stanislas Dalton Delft geworden; zij startten net met het daltononderwijs en zochten iemand met ervaring. Dat ze nu een verlengde daltonlicentie hebben gekregen, is mijn kroon op het werk daar. De werk-privébalans als teamleider vond ik lastig en daarom stopte ik. Nu werk ik als zzp’er én als docent Nederlands.
Privéleven
Op mijn dertigste dacht ik: “nu moet ik serieus worden”, en vrienden om mij heen dachten dat ook. Ik werd ouderwets gekoppeld en de eerste keer dat ik hem zag aanlopen met zijn krullen (inmiddels is hij kaal :-)), matching schoenen en riem, had hij mijn hart gestolen. Na drie maanden ontmoette ik zijn dochter Max, wat ik misschien wel het spannendste vond in mijn leven. Maar het klikte snel en we dansten op K3. Max is nu 19 jaar. Met Maarten heb ik Ties gekregen; hij is nu 12 jaar.
Een druk leven – hoe houd je jezelf in balans?
Ik doe aan hardlopen, hoewel… ik loop niet zo heel hard hoor…zo’n 9 km per uur. Tijdens het lopen in de buitenlucht kom ik op ideeën. Verder lees ik als liefhebber van het vak Nederlands veel. Wat lees je nu? Eh, even geen boek van een Nederlandse schrijver, maar ‘De niet verhoorde gebeden van Jacob de Zoet’ van David Mitchell. Dat boek heb ik overigens gekregen van Dick Koene, oud-collega.
Daarnaast ben ik erg sociaal en hou ervan om gezellig met vrienden af te spreken. Uit eten? Ja, en dan ben ik vooral van de toetjes. Ooit wil ik uitsluitend drie gangen toetjes eten, maar ik heb nog niemand gevonden die dit ook wil… :-).
Verder hou ik veel van reizen. Midden-Amerika, Zuid-Afrika, Azië, Lapland (afgelopen winter) en aankomende zomervakantie gaan we naar Nicaragua. Ik heb altijd verre reizen gemaakt, ook met een jong gezin. Reizen met kinderen verrijkt echt je reis!
Wat als je een ander vak mocht kiezen?
O, ik wilde altijd kinderarts worden, maar was echt super slecht in natuurkunde en scheikunde. Als anderen een tien haalden, haalde ik steevast een drie of zo. Dus dat werd het echt niet — geen NT/NG voor mij. In 6 vwo kon ik er gelukkig voor kiezen om te stoppen met wiskunde A, omdat ik een extra vak had. Mijn wiskundedocent zei: “Dat is het meest intelligente wat ik je heb horen zeggen dit schooljaar Natasja”. Gelukkig heb ik wel enige zelfspot :-). Het is dus maar goed dat ik Nederlands ben gaan doen en geen wiskundedocent ben geworden!
Ze gaat verder over haar eigen middelbare schooltijd, waar ze altijd heel betrokken was: ik zat in de leerlingenraad, in de redactie van de schoolkrant, was klassenvertegenwoordiger en werkte mee aan projecten in de culturele weken.
“Ik klets wel veel he,” zegt ze. Nou, understatement van het jaar. Maar vooral gezellig, zo’n interview met een spraakwaterval. Natasja zit perfect op haar plek op het Wolfert en hopelijk blijft dat nog vele jaren zo!
Door: Jackie van der Gaag




