| Competentie | Resultaat | Gedrag leraar |
Pedagogische wendbaarheid | Speelt in op de leefwereld van leerlingen en begeleidt leerlingen / groepen met zeer problematische hulpvragen en creëert een veilig pedagogisch klimaat. Stemt het doelmatig handelen af op de behoeften van de leerlingen / de groep en kan variëren in didactische aanpak en pedagogische benadering. | o.a. te herkennen aan: - stemt houding, gesprektechnieken en interventies af op problematische hulpvragen van leerlingen; - geeft gerichte en effectieve feedback op alle niveaus; - begeleidt, zonodig met inschakeling van een specialist, leerlingen met complexe problemen (leerstoornissen, gedragsproblemen, sociaal- emotionele problemen) / complexe groepen; - sluit bij het hanteren van begeleidingsvormen systematisch aan bij ervaringen, belevenissen en normen van leerlingen en ouders. |
Klassen- management | Neemt maatregelen die leiden tot een hechte groepsvorming en uitstekende samenwerking binnen groepen | o.a. te herkennen aan: - leraar overlegt met leerlingen over het opstellen en bewaken van gedragsregels en afspraken ter handhaving van de orde; - hanteert in groepen die onvoldoende taakgericht zijn werkvormen die leiden tot een doelgerichte en efficiënte samenwerking in een goed leerklimaat.
|
Vernieuwend denken en werken | Denkt vanuit verschillende bronnen na over ervaringen en ontwikkelingen in onderwijsvragen en komt op basis daarvan tot vernieuwingsvoorstellen.
Levert een structurele bijdrage aan de invoering van substantiële vernieuwingen. | o.a te herkennen aan: - leraar draagt bij aan vernieuwingen in het onderwijs door deel te nemen aan experimenten en door het overdragen van nieuwe ideeën; - maakt gebruik van onderzoek gericht op het vakgebied en raadpleegt bronnen om te komen tot vernieuwingsvoorstellen; - maakt gebruik van interne en externe evaluatie- uitkomsten om nieuwe onderwijsactiviteiten en (stage) begeleidingsactiviteiten te ontwikkelen; - levert een constructieve bijdrage aan projecten, ook buiten de school; - stimuleert collega's hun onderwijs en (stage) begeleiding steeds te verbeteren binnen de school; - speelt een voortrekkersrol bij het werken aan veranderings- processen; - benoemt weerstanden tegen vernieuwingen en draagt oplossingen aan voor vermindering daarvan.
|
Activerend en gedifferentieerd werken | Gebruikt werkvormen die leerlingen activeren en stimuleren zelf hun leerproces in te richten en die uitstekend aansluiten bij de leermogelijkheden en belemmeringen van de leerling. | o.a. te herkennen aan: - leraar laat leerlingen naar hun mogelijkheden systematisch zelfstandig of in subgroepen aan opdrachten werken; - geeft gedifferentieerde opdrachten die leerlingen stimuleren tot verwerven en toepassen van kennis; - houdt bij het selecteren van leerinhouden en opdrachten systematisch rekening met de leermogelijkheden, leerstijl, leertempo en capaciteiten van leerlingen en subgroepen.
|
Vakmatige beheersing | Beheerst brede vakinhoudelijke en vakdidactische kennis en vaardigheden op en is actief in het verdiepen en/of verbreden ervan. | o.a. te herkennen aan: - leraar gebruikt flexibel vakinhoudelijke en vakdidactische kennis en vaardigheden in samenhang met veranderende doelen van het onderwijs; - hanteert flexibel een groot aantal verschillende (nieuwe) didactische werkvormen en hulpmiddelen; - verbreedt en/of verdiept zijn vakinhoudelijke en vakdidactische kennis en vaardigheden; - ontwikkelt mede nieuwe vakdidactische werkvormen en hulpmiddelen; - inventariseert en analyseert onderwijsproblemen op vakinhoudelijk en vakdidactisch terrein en draagt daarvoor oplossingen aan op klassenoverstijgend niveau. |
Professionele groei | Staat open voor feedback van collega's en ondersteunt collega's in hun professionele ontwikkeling door het geven van advies. | o.a. te herkennen aan: - leraar vraagt en geeft desgevraagd feedback aan collega's over elkaars functioneren; - biedt desgevraagd ondersteuning aan collega's bij problemen; - toont begrip voor onzekerheid bij (beginnende groepsleerkrachten; - stimuleert collega's elkaars lessen en begeleiding van leerlingen te observeren en die samen door te spreken; - vraagt gerichte feedback om eigen functioneren als leraar te verbeteren; - ontwikkelt met behulp van het persoonlijk ontwikkelingsplan zelfstandig competenties die nodig zijn in het onderwijs. |
Communicatie, informatie- uitwisseling, overleg en samenwerking | Levert een bijdrage aan bestaande en nieuwe overleg- en samenwerkingsvormen. Onderhoudt, in overleg met de leiding, incidentele contacten die bijdragen aan de ontwikkeling van leerlingen en komt tot effectieve informatieuitwisseling en afstemming. | o.a. te herkennen aan: - leraar levert een inhoudelijke bijdrage aan kleine tot grote, overzichtelijke projecten; - geeft op adequate wijze kritiek; - coördineert werkgroepen; - zorgt er mede voor dat collega's ruimte voor inbreng krijgen; - neemt initiatieven tot overleg en samenwerking met collega's; - bemiddelt bij samenwerkingsproblemen tussen collega's; - bewaakt mede dat gemaakte afspraken nagekomen worden (komt met verbetervoorstellen); - onderscheidt in de communicatie emoties en zaken; - geeft voor collega's, leiding en/of zorgteam duidelijk aan welke complexe problemen zich voordoen bij leerlingen en welke ondersteuning wordt verwacht; - zoekt samen met afdelingsleiding en/of zorgteam naar mogelijkheden; - treedt op als ambassadeur van de leerling en de school. |
Organiseren en planmatig handelen op langere termijn | Levert een bijdrage aan de ontwikkeling van werk- /leerplannen en de afstemming van (onderwijs)activiteiten binnen de eigen vaksectie/afdeling. | o.a. te herkennen aan: - leraar faseert en plant werkplannen/ groepsplannen/leerplannen in studiewijzers en zorgt voor een duidelijke opbouw van (onderwijs)activiteiten; - stelt tussentijdse leerdoelen per periode of lessenserie vast en stelt deze op basis van ervaringen bij; - bouwt bij het maken van taken en (opleidings) programma's bijsturings- en keuzemogelijkheden in; - wisselt in het kernteam/ de vaksectie en afdeling jaarlijks ervaringen uit om te komen tot voorstellen voor aanpassing van plannen; - selecteert middelen, methoden en bronnen voor realisatie van nieuwe (onderwijs) doelen zoals de leergebieden; - werkt onderwijsdoelen uit in modulen of onderwijseenheden. |